Snipper #16: De kracht der verbeelding

Na het opwarmertje van gisteren kreeg ik de smaak te pakken voor het vertalen van het vijfde hoofdstuk van De eeuwige mens. Het hiernavolgende, wat langere fragment kun je goed als het hart van dit deel, zo niet van het hele boek zien. Chesterton bekritiseert hier de objectieve, wetenschappelijke manier van spreken over religie, kunst en mythologie, die in zijn tijd sterk opkwam en ook in onze tijd nog gemeengoed is. Alle psychologische, antropologische en historische categorieën doen de fantasierijke werkelijkheid geweld aan. De mythen van de mens laten zich slechts van binnenuit en met kinderlijke verbeelding begrijpen…

(Meer…)

Snipper #6: De Maagd en haar kind

Een kort fragment, direct volgendend op het stuk dat ik hiervoor plaatste. Eerder deelde ik hier al mijn filmpje over de Heilige Maagd Maria, waarin ik vertelde over de filosofische duiding van de katholieke Mariadevotie door de Fransman Jean Guitton. Maar Chesterton heeft er dus ook prachtig en overtuigend (vind ik) over geschreven. Wie een kind bezoekt, bezoekt automatisch zijn moeder, stelt hij. We kunnen het kind-zijn van Jezus daarom ook niet begrijpen zonder het moederschap van Maria te waarderen…

(Meer…)

Snipper #5: God in de grot

 

Ik maak even een sprongetje in mijn vertaling van Chestertons Eeuwige mens. Hiervoor heb ik in vier snippers (#1, #2#3 en #4) het eerste hoofdstuk van het eerste deel vertaald. In dit hoofdstuk (en in de rest van het eerste deel) valt hij de toen al populaire stelling aan dat de mens ‘maar’ een diersoort als alle andere is. Het tweede deel maakt een nieuwe stap: Chesterton keert zich hier tegen de toen ook al populaire opvatting dat Jezus ‘maar’ een mens als alle andere mensen was. Wederom begint hij, in dit eerste hoofdstuk van deel 2, in een grot – nu niet in de grot van de holenmens, maar in de stal van Bethlehem, die ook een grot geweest moet zijn…

(Meer…)

Theologische dialoog met een 3-jarige

Aangestoken door alle kerstverhalen begon onze zoon Elian te vragen naar Jezus.

“En toen Jezus groot was, was hij een koning, hè pappa?”

“Nou ja, een soort van koning, maar dan een koning zonder land.”

Ik legde uit waarom Jezus zo bijzonder wordt gevonden door mensen. Onder meer door te wijzen op de wonderen:

“…Hij kon over water lopen, en hij kon zieke mensen genezen.”

“En de was ophangen, hè?”

“Ongetwijfeld, Elian.”

Ik hoop dat het feest van de Menswording van God voor jullie net zo leerzaam en inspirerend is geweest. Met terugwerkende kracht: een zalig kerstfeest, allemaal!

Gepubliceerd in:  on 26 december, 2008 at 7:58 pm Laat een reactie achter
Tags: , , , , ,

Ironisch geloven?

Lodewijk Dros schreef deze week een schitterend essay in Trouw, over de ‘ironische’ hertaling van de Matthäuspassion door Jan Rot. Wacht even… De Matthäuspassion, daags voor Kerst? Wordt dat grootse werk van Bach niet altijd in de Goede Week, dus voor Pasen gezongen? Jazeker, maar Dros beschrijft hoe hij met een koor repeteert voor de uitvoering volgend jaar. Ik vind het een mooie vondst – en nog uiterst significant ook.

(Meer…)

Advent IV

advent4“Dauwt, hemelen, uit den hoge; wolken, laat als een regen de Gerechte neerdalen; aarde, open u om de Verlosser voort te brengen.” — Jesaja 45:8

Elian had gespuugd vanochtend. In ons bed nog wel; hij was bij ons komen liggen omdat hij koortsig was. Hij was zich goddank beter gaan voelen in de loop van de dag. ’s Middags durfden we het aan naar de kerststal te gaan kijken in de Molenstraatkerk. Het kindje ontbrak nog in de kribbe, maar de Heilige Maagd stond er al, afwachtend maar zelfverzekerd, gereed om het huis te bouwen dat reeds aan David beloofd was.

“Nabij is de Heer voor elk die Hem aanroept, voor elk die oprecht tot Hem bidt. Mijn mond bezingt de lof van de Heer en alles wat leeft prijze eeuwig zijn Naam.” — Psalm 145:18-21

De wijn schonk ons vanavond diepzinnige gesprekken over wat het nou betekent: het feest van de menswording van God. Die schande, die heiligschennis… maar toch het wezenlijke van het christelijke geloof: God is mens geworden, de Allerhoogste vernedert Zich, in de koeienstront, in een stal, in een onbeduidend gehucht – Bethlehem. ‘Stad van het vlees’, schijnt die plaatsnaam te betekenen. Geen beter gehucht om de incarnatie, de vleeswording, te beginnen…

Een koude abstractie? Welnee. Elian had gespuugd vanochtend, in ons bed nog wel. We staan in het slijk, en zien boven ons een heldere ster blinken, die ons wijst naar het slijk van een stal in Bethlehem. Het doet er toe, leren wij in deze laatste donkere dagen voor kerst – alles doet er toe. De Allerhoogste bekommert zich om het allerkleinste. Verschoon het beddengoed, de dagen zullen lengen. Misschien begrijpen we nog niet wat van ons gevraagd wordt, maar beaam het reeds volmondig, zoals die wijze vrouw, die zei:

“Zie de dienstmaagd des Heren; mij geschiede naar uw woord.” — Lucas 1:38

Leve de loze onderzoekjes!

“Goedenmiddag, met Q&A Research & Consultancy spreekt u. Schikt het dat we u even een paar vragen stellen?”
“Mwah. Vlug dan, voor de aardappels overkoken.” 
“Hoe religieus bent u?”
“Mwah. Gewoon, nou ja, een beetje zo-zo.”
“Heeft kerstmis een religieuze betekenis voor u?”
“Mwah. Nou ja, ach, een beetje wel hoor. Iets met het kindje Jezus, hè?”
“Hoe was dat vorig jaar dan?”
“Vorig jaar?”
“Ja, was u toen religieuzer dan dit jaar?”
“Neuh. Ik denk van niet.”
“En had kerst toen een religieuzere betekenis voor u?”
“Mwah. Neuh, ik geloof van niet, nee.” 
“Dus u bent dit jaar een tikje religieuzer dan vorig jaar?”
“Mwah. Nou ja, eh…”
“Dankuwel voor uw tijd. Wij weten voldoende!”

Gepubliceerd in:  on 15 december, 2008 at 9:40 pm Reactie (1)
Tags: , , ,

Advent III

advent31

“Verheugt U in de Heer te allen tijde! Nog eens: verheugt U! De Heer is nabij.” — Fillipenzen 4:4-5

De vrouw van het tuincentrum perst de boom in een net, als worst in een varkensdarm. We lopen het lange eind over de dijk naar huis; de kinderen in de wagen, in slaap gewiegd door heldere vrieskou en het zachte ritme van de straatstenen. We maken geen haast met het optuigen van de boom. De zoete  sparrengeur is genoeg om de vreugde van de verwachting te wekken.

“Die u roept is getrouw; Hij zal zijn woord gestand doen.” — 1 Tessalonicenzen 5:24

Pas als de kinderen op bed liggen halen we de lampjes uit de donkere zolderkast en uit de knoop. We steken de stekker in het stopcontact; er gebeurt niets. Het Licht laat nog op zich wachten, maar is reeds aangekondigd. Drie weken gewacht, nog één te gaan. Wij verheugen ons. In ons midden staat Hij die wij niet kennen…

Gepubliceerd in:  on 14 december, 2008 at 11:01 pm Laat een reactie achter
Tags: , , ,

Advent II

advent21“Troost, troost toch mijn Stad,
– zegt uw God –,
spreek Jeruzalem moed in” — Jesaja 40:1-2

Twee maal twee op de fiets, de tweede week, nog twee te gaan. De route loopt van thuis naar thuis, met een lange omweg via kasteel Doornenburg. De tijd staat stil; ridders turen naar ons van achter de kantelen, met aangespannen kruisbogen. Ridders overal, vooral in de verbeelding. We kijken naar een lindeboom, zo hartvormig als het lindeblad dat wij op het geboortekaartje van onze kleine Linde hadden gezet. De tijd staat stil.

“Eén ding mag u niet ontgaan:
voor de Heer is één dag als duizend jaren
en duizend jaren als één dag.” — 2 Petrus 3:8

Als we verder fietsen is de avond al gevallen. De koude wind begint door de dikke kleren van de kinderen te dringen. Linde huilt hartverscheurend van de kou; Elian huilt hartverscheurend van de honger. Ik beloof hem frietjes, herhaal m’n belofte steeds als hij adem haalt om verder te huilen. De tijd kruipt inmiddels – en gaat gek genoeg vele malen trager dan toen hij stilstond. De vooruitgezonden bode snelt met de kleinste naar huis, om haar te warmen. Ik snel met de oudste naar de friettent, om hem te voeden. Ik talm niet met mijn belofte.

Gepubliceerd in:  on 7 december, 2008 at 8:02 pm Laat een reactie achter
Tags: , , , , ,