Tien bezwaren tegen de interreligie
Nederland is weer een kerkgenootschap rijker. En wat voor één. Gediplomeerd ‘interfaith minister‘ Joan Elkerbout uit Sint-Oedenrode sticht een kerk voor alle godsdiensten. Witte heksen, christenen, boeddhisten, new agers, humanisten en moslims, iedereen is welkom. Dat klinkt heel mooi. Maar dat is het niet. Het is je reinste waanzin, deze ‘interreligie’. En ik zal je tien goede redenen geven waarom.
De tsunami van Geertologen
De opmars van Geert Wilders is te wijten aan de kerken, las ik laatst. Aha. En ik maar denken dat de opmars van Wilders te wijten was aan al die mensen die op Wilders gestemd hebben. Wat naïef van me. Gelukkig zijn daar de grote professoren in de Geertologie die me kunnen vertellen hoe het echt zit. Zoals de wijze grijze uil Hofland, in de wijze grijze Groene Amsterdammer. De opmars van Wilders is te wijten aan de centrumpartijen, legt hij uit. En aan het feit dat Obama niet in Europa is geboren. En, heus waar, aan de taalkunde. Maar ik zal het je nog sterker vertellen…
Religieus engagement
Ingeklemd tussen een erudiete lezing van historicus James Kennedy en een wat warrige, maar prikkelende tirade van rechtsfilosoof Afshin Ellian, mocht CDA-parlementariër Jan-Jacob van Dijk een woordje doen. Een “woordje”, dat klinkt misschien wat oneerbiedig, maar ‘t was echt niet meer dan een woordje. Een welluidende maar niet erg diepgravende toespraak van een ervaren politicus, die veel praat zonder veel te zeggen. Op het symposium Religie in het publieke domein afgelopen zaterdag in Utrecht praatte hij veel en zei hij weinig over de vraag wat religie is, wat haar rol in het publieke domein is of zou moeten zijn, en wat christelijke waarden nu eigenlijk zijn. Zijn boodschap was zo vriendelijk en oncontroversieel, dat zelfs de paar verdwaalde liberalen en humanisten in het publiek genoeglijk in slaap sukkelden. Maar toen gebeurde er iets opmerkelijks.
Symposium over religie
Op zaterdag 6 juni organiseert het CDJA Utrecht een symposium over ‘religie in het publieke domein’. Het is een zeer interessant programma, met onder meer James Kennedy, Afshin Ellian en Sophie van Bijsterveld. Nou ja, volg de link maar voor verdere details. Dit symposium is onder andere georganiseerd, zo begreep ik van een der organisatoren, naar aanleiding van een boek waar ik als eindredacteur een bescheiden bijdrage aan heb mogen leveren, namelijk Religie in het publieke domein. Fundament en fundamentalisme. Hoe dan ook: een symposium dat ik van harte kan aanbevelen!
De religie van de humor

Aan dit fragment uit het Urbanus-stripalbum nr. 22, ‘De gesloten koffer’, moest ik direct denken toen ik het nieuws las dat de komiek Urbanus en kardinaal Danneels komende vrijdag samen in een Belgisch tv-programma zullen verschijnen. De kardinaal (hier dus ‘kardinaal Traweels’ genoemd) is één van de vele bekende Belgen die in de strip figureert; ik ben benieuwd of hij dat weet.
“Hier ben ik om met u te sterven…”
Het is 23 juli 1572. Willem van Oranje neemt Roermond in. Zijn soldaten plunderen met grof geweld de stad, waarbij vooral katholieke kerken en kloosters het moeten ontgelden. Paulus van Waelwijck, kapelaan en secretaris van de bisschop van Roermond, haast zich naar het karthuizerklooster. Broeder Stefanus, de portier, opent de poort. Het gezicht van Van Waelwijck is getekend door grimmige berusting. “Hier ben ik om met u te sterven”, zegt hij.
De gesel der godsdiensten
Schitterende cartoon, van Jos Collignon in de Volkskrant. Vooral dankzij Donner, met z’n uitroepteken op zijn fietsje – briljante vondst. Van zijn anti-religieuze open deuren (geloof is een bron van geweld, gelovigen zijn onverdraagzaam, godsdiensten zijn autoritaire, onderdrukkende instituten, enzovoort) ben ik niet onder de indruk, maar ik vind Collignon wel een vakman, die zijn opinies op het scherpst van de snede weet te verbeelden. De bovenstaande godsdienstkritiek bevat bovendien onvermoede waarheden ten gunste van de godsdienst…
Snipper #8: Vergelijking en vervalsing
Het navolgende stuk sluit direct aan op het fragment dat ik eergisteren plaatste. Toch lijkt het alsof Chesterton hier even een wilde gedachtensprong maakt (iets wat hem niet vreemd is). Het vorige fragment eindigde met de spannende stelling dat het heidendom de natuurlijke religie van de mensheid is en als dusdanig de grote concurrent van het christendom. Die gedachte herneemt hij pas weer na de onderstaande alinea’s. Hier laat hij zien dat het vergelijken van religies een vorm van vervalsing is…
Snipper #5: God in de grot
Ik maak even een sprongetje in mijn vertaling van Chestertons Eeuwige mens. Hiervoor heb ik in vier snippers (#1, #2, #3 en #4) het eerste hoofdstuk van het eerste deel vertaald. In dit hoofdstuk (en in de rest van het eerste deel) valt hij de toen al populaire stelling aan dat de mens ‘maar’ een diersoort als alle andere is. Het tweede deel maakt een nieuwe stap: Chesterton keert zich hier tegen de toen ook al populaire opvatting dat Jezus ‘maar’ een mens als alle andere mensen was. Wederom begint hij, in dit eerste hoofdstuk van deel 2, in een grot – nu niet in de grot van de holenmens, maar in de stal van Bethlehem, die ook een grot geweest moet zijn…
