Steeds weer dat zelfde afgezaagde liedje: Jezus van Nazareth was ‘maar’ een inspirerend figuur, maar we mogen hem niet als enige weg naar de waarheid beschouwen, want dat is christenfundamentalistische arrogantie. Vorige maand was het Manuela Kalsky die dit valse deuntje floot (begrijp me goed: zij floot het deuntje loepzuiver, maar het deuntje zélf is zo vals als een kraai), nu fluit de protestantse predikant Fennie Kruize het. En ze voegt er nog wat tenenkrommend valse noten aan toe: het draait in het geloof niet om Jezus, maar om een esoterische ‘christusgeest’.
Wat mij zo stoort aan dit deuntje is dat het zichzelf presenteert als tolerant en open minded, terwijl het nu juist het diametraal tegenovergestelde is. Niet het orthodoxe christendom heeft een beperkte visie op Christus, maar deze tandeloze vrijzinnigheid. De orthodoxie kent een heel scala aan eigenschappen toe aan Jezus Christus – Christus als (toegang tot) God, Christus als mens, Christus als redder, Christus als lichaam van de Kerk, Christus als waarheid, Christus als navolgbaar voorbeeld, Christus als pleitbezorger voor de armen en verdrukten, Christus als symbool en Christus als werkelijkheid, een strenge Christus, een milde Christus, een mystieke Christus, een sociale Christus, een eeuwige Christus, een historische Christus, enzovoort, enzovoort.
In de vrijzinnige visie (ik vat het deuntje van onder meer Kalsky en Kruize voor het gemak maar even zo samen) heeft Christus nog maar één eigenschap, namelijk dat hij een inspirerend mens was. Alle andere opvattingen worden niet simpelweg bekritiseerd, maar radicaal geschrapt, verboden, achterhaald en onaanvaardbaar verklaard. Vanuit sociale en politieke wenselijkheid (we willen per slot van rekening toch geen andersgelovigen tegen het hoofd stoten met onze opvattingen) wordt zo een nieuw onwrikbaar dogma van Jezus-als-voorbeeld-tussen-de-voorbeelden geconstrueerd.
Per definitie kan dat beeld van Jezus zich niet meer ontwikkelen — het wil een eindpunt zijn, het laatste woord wat er over Jezus te zeggen is. Per definitie verdraagt deze visie geen andere visies naast zich — immers, als Jezus alleen maar een inspirerend figuur is, kan Hij niet ook nog eens verlosser zijn, of waarheid, of zoon van God. Terwijl een Christus die verlosser, waarheid en zoon van God is, ook prima tegelijkertijd een inspirerend figuur kan zijn.
Wat is deze vrijzinnigheid kortom anders dan fundamentalisme van de meest benepen en onverdraagzame soort?
Ik zeg het dominee Johan Plug, die vandaag in debat gaat met zijn collega en plaatsgenoot Fennie Kruize, daarom van harte na:
“Fennie, ik gun het je als je je nogal dogmatische blik eens zou parkeren en even door mijn orthodoxe bril zou kijken. Om te ontdekken dat die kijk zo gek nog niet is.”

De spijker op zijn kop, Anton! Elke vorm van ketterij is geneigd om van Jezus niet meer dan een toffe gozer te maken. Islam, vrijzinnig ‘christendom’ (en het atheïsme in haar kielzog) doen in feite hetzelfde: Christus mag iedereen en alles zijn, behalve zichzelf. En daar Hij in feite ‘alles’ reeds is (zoals je al aangeeft: God, mens, enz.), mag Hij zodoende ook ‘alles’ niet meer zijn.
‘Vrijzinnigheid’ zal daarom altijd eindigen in bekrompenheid, want beperktheid. Werkelijke vrijzinnigheid kan alleen bestaan in de boezem van de Orthodoxie. Orthodoxen kunnen geloven in de vliegende koeien van Chesterton; secularisten niet (want wetenschap zus en filosofie zo). Wanneer dringt de kracht van de paradox eens door bij deze dwaallichten?
Helemaal mee eens!
Al vind ik de vergelijking met Bin Laden een nog veel zorgelijkere degeneratie van ons Jezusbeeld..!
Een inspirerende Christus lijkt een heel open definitie; een begin van denken of gedachtevorming, terwijl ze juist het eindpunt wil zijn. Ieder verder denken is overbodig gemaakt. Zo wordt er nu ook met het dogma omgegaan. Dogmatisch denken is nu een beschuldiging voor iemand die het denken afsluit. Maar het echte dogma, de echte dogmatiek zoals de Kerk die ook 2000 jaar lang hanteert, wil juist het begin zijn van het denken – niet het einde. Het echte dogma is voor de denkende mens de poort tot de werkelijkheid en daarmee tot God. Alles wat het denken afsluit of stopt is uiteindelijk ketterij. De gedachte aan een louter inspirerende Christus evengoed als de niet-dogmatische (niet-denkende) mens. Orthodoxie is niets zonder dogmatiek en dan doel ik niet op de pseudo-dogmatiek van Karl Barth c.s.
[...] door de wereldbeschouwingen heen — zo heb je gnostisch atheïsme en agnostisch atheïsme, gnostisch christendom en agnostisch christendom. De scheidslijn loopt ook dwars door mensen heen. Als we eerlijk zijn zullen we allemaal [...]
[...] vrijzinnigen en gnostici van divers pluimage; terwijl zo ongeveer het tegendeel waar is — ik heb daar al eerder over geschreven. De Jezus van Nick Cave vind ik juist een vrij eenzijdige man van smarten. Niet de helende Jezus [...]
[...] ontstaan, die het vooral bij kunstenaars en muzikanten en intellectuelen op aanhang mocht rekenen: een Jezus die ontdaan was van het beeld dat de kerken van hem geschetst hadden en die volgens deze lieden een ‘vertekening’ was; hun eigen schaduw-Jezus was bovenal [...]